Praktijk zuster Dees

Praktijk zuster Dees “Begeleiden, inspireren en ondersteunen zodat leerlingen en stagiaires met zorg en aandacht het verschil maken voor ouderen.”

Zuster Dees schrijft gewoon doorSinds 8 juli ligt Zuster Dees noodgedwongen plat. Niet omdat ze eindelijk vakantie heeft...
27/08/2026

Zuster Dees schrijft gewoon door

Sinds 8 juli ligt Zuster Dees noodgedwongen plat. Niet omdat ze eindelijk vakantie heeft genomen, maar omdat ze bij een scooterongeluk besloot om meteen drie rugbreuken tegelijk te verzamelen. Want als je iets doet, moet je het natuurlijk goed doen. 😂

De bedoeling was simpel: herstellen, rustig aan doen en vooral niet te veel doen.

Maar ja… toen vergat iedereen één belangrijk detail:

Zuster Dees kan niet níét schrijven.

Dus terwijl de rest denkt dat ze rustig ligt te herstellen, ligt ze daar met haar brace, pijnstilling en telefoon binnen handbereik.

“Je moet echt rust houden.”

“Doe ik.”

Tik tik tik tik tik…

“Wat ben je aan het doen?”

“Een verhaaltje.”

“Over je rug?”

“Nee hoor. Over jullie.” 😇

En gelukkig is daar AB’er Carry. Zij heeft inmiddels een volledig Zuster-Dees-zorgsysteem opgetuigd. Medicatie, eten, drinken, kussens, praktische hulp… en vooral: een constante aanvoer van leuke cadeautjes en prachtige kaarten.

Die kaarten zijn helemaal geweldig, want ze zijn geschreven door collega’s. Stuk voor stuk lieve, grappige en persoonlijke berichten. Daardoor ligt Zuster Dees misschien plat, maar ze voelt zich absoluut niet vergeten. ❤️

Carry zorgt dus niet alleen voor de lichamelijke verzorging, maar inmiddels ook voor de mentale bevoorrading.

En die bevoorrading is uitstekend geregeld.

Want zodra er een cadeautje binnenkomt, is de vraag niet meer:

“Hoe gaat het met je rug?”

Maar:

“Wat heb je nu weer gekregen?” 😂

En zo blijft Zuster Dees gewoon schrijven. Over de zorg, over leerlingen, over het leven en over alles wat ze onderweg tegenkomt.

Geen afdeling, geen rondje door het verpleeghuis, geen leerling naast zich…

Maar een bed in de woonkamer.

Met een brace, een telefoon, een berg kaarten en een steeds groter wordende verzameling cadeautjes.

De rug mag dan driedubbel gebroken zijn, haar schrijfdrang is gelukkig nog volledig intact.

Dus voorlopig blijft Zuster Dees gewoon liggen…

en schrijven.

Met dank aan Carry voor de liefdevolle zorg, de collega’s voor alle prachtige kaarten en iedereen die ervoor zorgt dat deze lange herstelperiode toch een beetje gezellig wordt.

Want een mens kan best platliggen.

Maar een echte Zuster Dees?

Die krijg je nog steeds niet stil. ❤️✍️😂

De dag dat onze grootste criticus met ons meeliepIedere zorgmedewerker kent ze wel. Familieleden die uit liefde overal i...
25/08/2026

De dag dat onze grootste criticus met ons meeliep

Iedere zorgmedewerker kent ze wel. Familieleden die uit liefde overal iets van vinden. Zo hadden wij een dochter die haar vader elke dag trouw bezocht. Een lieve vrouw, maar ook iemand die altijd opmerkingen had. “Waarom is zijn overhemd nat?” “Waarom is hij niet net naar het toilet gebracht?” “Volgens mij letten jullie niet goed op.”

En eerlijk is eerlijk… haar vader maakte het ons ook niet makkelijk. Hij had vergevorderde dementie en plaste werkelijk overal. De wc leek voor hem de minst logische plek. De plantenbak, de prullenbak, de voorraadkast, de hoek van de gang… alles kon ineens doorgaan voor een toilet. We grapten weleens dat hij de afdeling persoonlijk aan het ‘markeren’ was.

Op een dag vroegen we zijn dochter of ze een paar uurtjes met ons wilde meelopen. Niet om haar iets te bewijzen, maar zodat ze kon zien hoe een ochtend op de afdeling eruitzag.

Ze zei meteen ja.

Nog geen tien minuten later stond haar vader op. Vastberaden liep hij richting een grote kamerplant. Zijn dochter schoot overeind. “Pap… nee!” Net op tijd.

Vijf minuten later probeerde hij het opnieuw, dit keer bij een prullenbak. Daarna ontdekte hij de linnenkast. Vervolgens vond hij een hoekje in de gang wel geschikt. Ondertussen gingen de alarmbellen van andere bewoners, moest er medicatie worden uitgedeeld, hielpen we iemand met aankleden en had een andere bewoner pijn. Terwijl wij van de ene bewoner naar de andere liepen, bleef haar vader verrassend creatief in het bedenken van nieuwe toiletten.

Na een paar uur liet zijn dochter zich zuchtend op een stoel zakken. Ze keek naar haar vader, die tevreden een kopje koffie zat te drinken alsof hij de hele ochtend niets bijzonders had gedaan.

Ze keek ons aan en zei: “Ik dacht echt dat jullie overdreven. Maar ik heb nog nooit iemand zó vaak ergens anders zien plassen.”

We moesten allemaal lachen.

Daarna werd ze stil.

“Nu snap ik pas wat jullie de hele dag doen. Ik zag alleen mijn vader. Jullie zien een hele afdeling.”

Vanaf dat moment veranderde er iets. Ze bleef een betrokken dochter, maar haar kritiek maakte plaats voor begrip. Ze stelde vragen in plaats van verwijten en bedankte ons steeds vaker voor de zorg die we haar vader gaven.

Soms hoef je mensen niet uit te leggen hoe hard je werkt. Soms hoef je ze alleen even mee te laten lopen. Want goede zorg zit niet alleen in medicijnen of protocollen. Goede zorg zit in het honderd keer opnieuw vriendelijk begeleiden, het voor de honderdste keer een vloer dweilen zonder te mopperen en steeds weer de mens blijven zien achter de dementie.

En weet je… die vloer was de volgende dag vast weer nat.

Maar het wederzijdse begrip bleef.

De pyjama die nooit wonOp onze afdeling woonde een dame die één ding heel duidelijk maakte: een pyjama kwam haar slaapka...
18/08/2026

De pyjama die nooit won

Op onze afdeling woonde een dame die één ding heel duidelijk maakte: een pyjama kwam haar slaapkamer niet in.

Niet dat we het niet geprobeerd hebben.

Een zachte katoenen pyjama? Afgekeurd.

Een warme flanellen pyjama? Kansloos.

Een keurige nachtpon? Die belandde sneller op de stoel dan dat wij hem hadden aangetrokken.

Iedere avond begon hetzelfde ritueel.

“Kom mevrouw, we gaan u lekker omkleden voor de nacht.”

Mevrouw keek ons aan met een blik die boekdelen sprak. Binnen een minuut had ze haar gewone kleding weer aan. De pyjama verloor elke avond opnieuw de strijd.

Na een tijdje konden we er gelukkig ook om lachen. Volgens mij had mevrouw inmiddels meer nachtkleding dan de gemiddelde kledingwinkel, maar geen enkel exemplaar kreeg de eer om ook echt gedragen te worden.

Toch bleef het knagen. Waarom was dit zó belangrijk voor haar?

Tijdens een gesprek met haar dochter stelden we een eenvoudige vraag.

“Was uw moeder vroeger eigenlijk ook al zo?”

Haar dochter glimlachte meteen.

“Ja… dat is eigenlijk heel logisch. Mijn moeder was meer dan veertig jaar verloskundige.”

Ze keek even naar de foto van haar moeder op het nachtkastje en vervolgde:

“Ze stond dag en nacht klaar voor anderen. Als midden in de nacht de telefoon ging, sprong ze uit bed, trok haar jas aan en reed direct naar een bevalling. Daarom sliep ze altijd aangekleed. Dat is ze haar hele leven blijven doen.”

Ineens werd het stil.

Wat wij wekenlang hadden gezien als koppigheid, bleek helemaal geen koppigheid te zijn.

Het was liefde voor haar vak.

Het was een gewoonte die ontstaan was doordat er ergens een baby op de wereld kwam die niet kon wachten.

Het was een stukje van haar identiteit.

Vanaf dat moment veranderden wij niets meer aan mevrouw.

Iedere avond kreeg ze een heerlijke do**he. Daarna trokken we haar frisse, schone kleding aan en hielpen we haar tevreden haar bed in.

Geen strijd meer.

Geen discussie.

Alleen een glimlach.

En terwijl wij haar instopten, dacht ik weleens: hoeveel baby’s zouden dankzij deze vrouw veilig geboren zijn? Hoe vaak zou zij midden in de nacht de deur uit zijn gegaan terwijl haar eigen gezin bleef slapen?

Soms vergeten we dat de mensen die nu afhankelijk zijn van onze zorg ooit zelf degene waren die voor anderen klaarstonden.

Een bewoner is nooit alleen een bewoner.

Hij was timmerman.

Zij was onderwijzeres.

Hij was brandweerman.

En deze mevrouw…

Die hielp nieuw leven op de wereld.

Sinds die dag kijk ik anders naar gedrag. Achter iets wat lastig lijkt, schuilt vaak een levensverhaal. Als we de tijd nemen om dat verhaal te leren kennen, vinden we soms geen oplossing…

Maar begrip.

En misschien is dat wel de mooiste vorm van zorg die er bestaat.

🍓 De kracht van een aardbeiSommige bewoners komen binnen alsof ze al jaren op de afdeling wonen.Deze meneer was er zo éé...
11/08/2026

🍓 De kracht van een aardbei

Sommige bewoners komen binnen alsof ze al jaren op de afdeling wonen.

Deze meneer was er zo één.

Groot postuur, rap van tong en een overtuigingskracht waar menig autoverkoper jaloers op zou zijn. Hij maakte makkelijk contact, kon ontzettend geestig zijn en wist mensen moeiteloos voor zich te winnen.

En meneer had nóg een talent.

Vrijwel iedere situatie wist hij zo te draaien dat hij er zelf nét wat beter uitkwam. 😉

Hij wist precies bij welke medebewoner hij iets voor elkaar kreeg, welke medewerker gevoelig was voor zijn charme en bij wie hij nog een extra rondje moest inzetten.

En werkte dat niet?

Dan ging hij nét wat groter staan. Stem een tandje steviger, blik erbij.

Voor je het wist stond jíj jezelf te verantwoorden, terwijl híj degene was die werd aangesproken.

Ook een talent. Niet eentje waar wij een certificaat voor uitreikten, maar toch. 😉

Sommige bewoners waren behoorlijk van hem onder de indruk. En eerlijk is eerlijk: sommige medewerkers ook.

Dus moesten we als team goed op één lijn zitten.

Want als collega A "nee" zei en collega B vijf minuten later dacht ach, voor deze ene keer..., wist meneer voortaan precies bij welk loket hij moest zijn.

En geloof ons: dat loket vond hij terug. 😂

Consequent zijn was dus belangrijk.

Maar consequent betekent niet dat je de strijd aangaat.

Met deze meneer moest je vooral níét instappen in een verbaal potje touwtrekken. Voor je het wist stond je twintig minuten later nog te discussiëren en dacht je:

Waar ging dit eigenlijk over?

We gingen hem daarom steeds bewuster directief én empathisch benaderen.

Kort en duidelijk. Niet eindeloos onderhandelen. Wel erkennen wat hij voelde en daarna de grens aangeven.

"Ik zie dat u boos bent. Dit is wat we nu gaan doen."

Want empathisch zijn betekent tenslotte niet automatisch: u heeft gelijk en hier zijn de sleutels van het pand. 😉

Toch waren er momenten waarop de spanning razendsnel opliep.

Vloeken. Tieren. Dreigen. Zich groot maken.

Een stem waarbij zelfs de koffiekopjes dachten: wij bemoeien ons hier even niet mee.

We hadden inmiddels van alles geprobeerd. Meer uitleg, minder uitleg, begrenzen, afleiden... maar zodra meneer eenmaal op stoom was, kwam je er nauwelijks nog tussen.

Dus moesten we hem vóór zijn.

En soms zit een oplossing ineens in iets heel simpels.

Een codewoord.

Geen ingewikkelde zorgterm. Geen therapeutische volzin.

Gewoon:

🍓 Aardbei.

Wanneer wij merkten dat de spanning opliep, zeiden we alleen:

"Aardbei."

Geen preek. Geen discussie. Geen PowerPoint met drie verbeterpunten.

En verhip.

Het doorbrak het moment.

Soms stopte hij. Soms mopperde hij nog wat door. En nee, hij vond echt niet ineens dat wij gelijk hadden. Dat zou wel héél veel eer zijn voor één aardbei. 😉

Maar het woord was bekend. Het hoorde bij een afspraak die we samen hadden gemaakt en kon nét genoeg zijn om uit die oplopende situatie te komen.

En eigenlijk zat daar voor ons de winst.

Niet proberen de discussie te winnen, maar voorkomen dat je er samen steeds verder in verdwaalt.

Duidelijk zijn zonder de strijd aan te gaan. Begrenzen zonder iemand af te wijzen. En vooral als team niet vijf verschillende loketten openen.

Directief waar het nodig is.
Empathisch waar het kan.
Consequent als team.

Soms heb je voor ingewikkeld gedrag geen ingewikkelde oplossing nodig.

Soms heb je genoeg aan één woord.

🍓 Aardbei.

En dát stond weer in geen enkel handboek.

PraktijkZusterDees

De langste nachtdienst van het jaarOud en nieuw.Voor de meeste mensen een avond van oliebollen, champagne, aftellen en g...
04/08/2026

De langste nachtdienst van het jaar

Oud en nieuw.

Voor de meeste mensen een avond van oliebollen, champagne, aftellen en goede voornemens die op 2 januari alweer vergeten zijn.

Voor ons in het verpleeghuis betekende het iets heel anders.

Want op onze afdeling woonde een dame met dementie die ieder jaar doodsbang was zodra de eerste vuurpijl de lucht in ging.

Niet een beetje bang.

Echt doodsbang.

Ze huilde, gilde, trilde over haar hele lichaam en smeekte of het alsjeblieft op mocht houden.

“Ze komen… ze komen weer…”

Door haar dementie leefde ze niet meer in het heden. Voor haar was het geen vuurwerk.

Ze was weer dat jonge meisje in de oorlog.

De knallen waren geen feest.

Het waren bombardementen.

De flitsen waren geen siervuurwerk.

Het waren explosies.

Hoe vaak we ook uitlegden dat het oud en nieuw was, een paar minuten later was ze het weer vergeten. Haar angst bleef. En eerlijk gezegd… dat brak iedere keer opnieuw je hart.

Dus besloten we iets anders te doen.

Niet proberen haar angst weg te praten.

Maar er gewoon voor haar te zijn.

Vanaf een uur of elf haalden we haar uit bed. Lekker warm ingepakt met een dekentje. In haar rolstoel maakten we een rondje over de afdeling.

Ze reed de hele nachtdienst met ons mee.

Tijdens het uitdelen van medicijnen was ze erbij.

Tijdens het koffiezetten was ze erbij.

Zelfs toen we stiekem een oliebol naar binnen werkten, keek ze toe alsof ze wilde controleren of wij ons werk wel serieus namen.

“Volgens mij houdt mevrouw toezicht vannacht,” grapten we zachtjes tegen elkaar.

Heel even verscheen er zelfs een klein glimlachje op haar gezicht.

Maar zodra buiten de eerste harde salvo’s begonnen, kneep ze onze hand stevig vast.

En dan knepen wij terug.

Want soms hoef je geen oplossing te hebben.

Soms hoef je alleen maar te laten voelen dat iemand er niet alleen voor staat.

Ja, het kostte extra tijd.

Ja, het betekende dat we onze route anders moesten plannen.

Ja, het was een drukke nachtdienst.

Maar een vrouw met een oorlogstrauma alleen achterlaten, gillend van angst terwijl buiten de wereld ontplofte…

Dat voelde voor ons nooit als een optie.

Die nacht leerden we opnieuw dat goede zorg niet altijd in protocollen zit.

Soms zit goede zorg in een hand die je vasthoudt.

In een rolstoel die een paar uur extra kilometers maakt.

En in een team dat besluit dat menselijkheid belangrijker is dan de klok.

Want aan het einde van de dienst waren wij misschien moe.

Maar mevrouw had de nacht niet alleen hoeven doorstaan.

En dat was de mooiste jaarwisseling die we haar konden geven 💙





Operatie: Douchen of Niet Roken?Op iedere afdeling heb je er wel één: een bewoner die vindt dat do**hen een zwaar oversc...
28/07/2026

Operatie: Douchen of Niet Roken?

Op iedere afdeling heb je er wel één: een bewoner die vindt dat do**hen een zwaar overschat concept is. Water was volgens deze meneer blijkbaar alleen bedoeld om koffie mee te zetten. Hoe langer hij niet onder de do**he hoefde, hoe gelukkiger hij leek. Drie weken overslaan? Daar draaide hij zijn hand niet voor om… al waren die handen inmiddels pikzwart.

Je rook meneer eerder dan je hem zag. De geur kwam hem steevast een paar meter vooruit. Nieuwe collega’s keken verbaasd om zich heen of er ergens een gaslek was. Bezoekers hielden hun bezoekjes opvallend kort en zelfs de kamerplanten leken het langzaam op te geven.

Zijn handen waren zwart van de ni****ne en vuil. “Ik heb me pas nog gewassen,” zei hij steevast. Dat zou best kunnen… alleen niemand wist meer precies in welke maand dat was geweest.

Praten hielp niet. Uitleggen hielp niet. Smeken hielp niet. Douchen was volgens meneer simpelweg niet nodig.

Toen moesten we een grens trekken. Een harde maatregel misschien, maar soms ontkom je er niet aan als iemand zichzelf ernstig vervuilt en de leefomgeving voor anderen onaangenaam wordt. De afspraak werd duidelijk: eerst do**hen, daarna pas een sigaret.

Dat leverde een discussie op waar menig advocaat nog een flinke kluif aan zou hebben.

“Dat kunnen jullie niet maken!”

“Misschien niet,” antwoordden wij, “maar drie weken niet do**hen kunnen we óók niet maken.”

Mopperend verdween meneer uiteindelijk richting badkamer. Even later kwam er een totaal andere man weer naar buiten. Fris gekamd, schone kleding, schone handen en een kamer waar je weer zonder gevaar naar binnen kon lopen.

Na wat onderhandelen kwamen we uiteindelijk tot een compromis waar iedereen zich in kon vinden: minimaal één keer per drie dagen do**hen. Geen dagelijkse strijd, geen weken meer overslaan en weer een leefbare situatie voor zowel meneer als zijn medebewoners.

Soms voelt een duidelijke grens streng. Maar goede zorg betekent ook dat je iemand helpt wanneer hij dat zelf niet meer ziet. En heel soms is een beetje gezonde dwang precies wat nodig is om samen tot een oplossing te komen.

En het mooiste? Die sigaret na afloop… die smaakte volgens meneer nog nooit zó lekker 💙

De Bonenbrigade van Meneer JanIedere afdeling heeft wel een bewoner die beroemd is.De één vertelt iedere dag dezelfde mo...
21/07/2026

De Bonenbrigade van Meneer Jan

Iedere afdeling heeft wel een bewoner die beroemd is.

De één vertelt iedere dag dezelfde moppen.
De ander vraagt ieder kwartier hoe laat de bus vertrekt.

En dan had je Meneer Jan.

Meneer Jan had een neus voor eten waar een speurhond nog iets van kon leren. Nog voordat de aardappelen waren afgegoten, wist hij precies waar ze stonden. Een boterham die heel even onbeheerd op tafel lag? Weg. Een bakje vla dat iemand nog even wilde bewaren? Verdwenen. Een koekje op de koffiekar? Alsof het nooit had bestaan.

Bewoners hielden hun bord soms steviger vast dan hun rollator.

“Zuster… hij heeft mijn gehaktbal weer gejat!”

En eerlijk is eerlijk… ook wij werden er soms wanhopig van. Want hoe leg je voor de vierde keer uit dat iemands toetje opnieuw een mysterieuze eindbestemming had gekregen?

Maar de absolute topdag van de maand?

De Chinees.

Waar andere bewoners al dagen uitkeken naar een bakje bami of nasi, zag Meneer Jan het als een nationale sport. Zodra de deksels van de warmhoudbakken opengingen, dook hij er bijna bovenop. Nog net niet met zijn hoofd ín de satésaus.

“Alle saté is voor mij!”

Alsof hij persoonlijk de eigenaar van het Chinese restaurant was. Personeel stond links, bewoners rechts en midden in de chaos stond Meneer Jan zijn saté veilig te stellen. Het leverde soms taferelen op waar je achteraf om kon lachen, maar op dat moment vooral heel veel improvisatie vroegen.

Na veel mopperen, corrigeren en opnieuw uitleggen besloten we iets anders te doen. Niet langer alleen kijken naar het gedrag, maar naar het verhaal achter de man.

De familie was klein, maar vertelde iets wat ons allemaal stil maakte.

Als kind was Meneer Jan jarenlang mishandeld door zijn vader. Eten was schaars. Honger hoorde bij zijn dagelijks leven. Wilde hij iets eten, dan moest hij het stiekem pakken voordat iemand anders hem voor was. Niet omdat hij ondeugend was, maar omdat hij simpelweg probeerde te overleven.

Ineens zagen we geen man die eten afpakte.

We zagen een klein jongetje dat diep van binnen nog altijd bang was dat er morgen niets meer zou zijn.

En dat veranderde onze blik.

In plaats van hem steeds weg te sturen uit de keuken, nodigden we hem juist uit.

Voortaan hielp Meneer Jan met de voorbereidingen van de maaltijd. Boontjes breken. Bloemkool wassen. Aardappelen controleren. Groenten schoonmaken. Tafel dekken.

Hij straalde.

Hij voelde zich belangrijk.

En terwijl zijn handen druk bezig waren met helpen, hoefden ze veel minder op zoek naar het bord van een ander.

Is het helemaal verdwenen?

Nee.

Heel af en toe verdwijnt er nog steeds op onverklaarbare wijze een koekje, een plakje kaas of… tijdens de maandelijkse Chineesavond een verdwaald stokje saté. Sommige gewoontes zijn na een heel leven nu eenmaal hardnekkig.

Maar het verschil is enorm.

Soms zit de oplossing niet in strenger zijn of beter opletten.

Soms begint de oplossing met één eenvoudige vraag:

“Wat is er ooit gebeurd waardoor iemand dit gedrag is gaan vertonen?”

Want achter gedrag dat lastig lijkt, schuilt soms een verhaal dat niemand ooit heeft gehoord.

En als je dat verhaal eenmaal kent, kijk je niet meer naar iemand die eten steelt.

Dan zie je vooral een kind dat ooit honger heeft gehad.





Zuster Dees en het Potje MuggenvetHet was weer zo’n gezellige ochtend op de PG-afdeling. De bewoners zaten tevreden aan ...
14/07/2026

Zuster Dees en het Potje Muggenvet

Het was weer zo’n gezellige ochtend op de PG-afdeling. De bewoners zaten tevreden aan de koffie, de collega’s waren druk in de weer en stagiaire Sarah liep enthousiast achter iedereen aan om zoveel mogelijk te leren.

Nou, dacht ik als Zuster Dees, het is tijd dat Sarah kennismaakt met een eeuwenoude traditie die in vrijwel elk vak voorkomt.

“Saar,” zei ik heel serieus, “we hebben een probleem. Er zijn de laatste tijd wat muggen gesignaleerd. Zou jij even een potje muggenvet voor me kunnen halen?”

Sarah keek geen moment vreemd op.

“Natuurlijk, zuster Dees!”

En daar ging ze.

Eerst naar de buurafdeling.

“Hebben jullie misschien een potje muggenvet?”

Collega’s keken heel ernstig.

“Nee Sarah, volgens mij heeft afdeling B er nog eentje.”

Dus Sarah naar afdeling B.

“Helaas, net op. Misschien bij de somatiek.”

En zo begon haar grote zoektocht.

Van afdeling naar afdeling, van teamleider naar teamleider. Overal werd begripvol geknikt. Overal werd ze vriendelijk doorgestuurd. Ondertussen hadden de afdelingshoofden natuurlijk allang een berichtje van mij gehad.

“Let op: Sarah zoekt muggenvet. Niet verklappen.”

Na een flinke ronde door het hele gebouw kwam Sarah uiteindelijk terug.

Een beetje buiten adem.

Een beetje verward.

Maar vooral vastberaden.

“Zuster Dees… ik heb echt overal gevraagd…”

Ik keek haar ernstig aan.

“En?”

Toen begon er langzaam een lampje te branden.

Ze keek naar mij.

Ik keek naar haar.

De collega’s keken nieuwsgierig mee.

En ineens riep ze:

“Jullie nemen me in de maling!”

De afdeling barstte in lachen uit.

Gelukkig kon Sarah er zelf minstens zo hard om lachen als wij. Sterker nog, toen haar vader haar later kwam ophalen en het verhaal hoorde, schoot hij ook direct in de lach.

“In de bouw doen we dat ook,” vertelde hij. “Dan sturen we iemand op pad voor een doosje luchtbellen of een emmer compressie.”

Sarah kon alleen maar lachen.

En zo werd ze die dag niet alleen wijzer in de zorg, maar leerde ze ook een belangrijke les die in elk beroep geldt:

Als iemand je heel serieus op pad stuurt voor muggenvet, vraag dan eerst even of er misschien een Zuster Dees in de buurt is. 😄

Zuster Dees 💙

Gewoon weer aan het werk…Meneer Van den Berg is 97 jaar en schilder in hart en nieren. Officieel is hij al heel wat jaar...
07/07/2026

Gewoon weer aan het werk…

Meneer Van den Berg is 97 jaar en schilder in hart en nieren. Officieel is hij al heel wat jaartjes met pensioen. Maar vraag het hem zelf en je krijgt waarschijnlijk een verbaasde blik. Pensioen? Daar heeft hij nog nooit van gehoord. Hij moet gewoon aan het werk.

En dus gaat hij iedere ochtend met dezelfde overtuiging op pad. Want een schilder heeft een verantwoordelijkheid. Er wachten immers muren die geschilderd moeten worden.

Gelukkig weet Zuster Dees precies hoe belangrijk dat voor hem is.

Nog voordat de dag echt begint, zet ze trouw een pot met water en een kwast klaar. Niet met verf, want dat zou hier misschien wat té enthousiast uitpakken, maar met water. Op een speciaal daarvoor bestemde muur kan meneer Van den Berg vervolgens heerlijk zijn vak uitoefenen.

Met volle concentratie gaat hij aan de slag. Geen stukje wordt overgeslagen. Hij inspecteert zijn werk, zet nog een paar extra halen en knikt tevreden. De muur ziet er weer piekfijn uit.

Het mooie is: tegen de volgende ochtend is het water opgedroogd en kan de klus gewoon opnieuw beginnen.

Het is misschien wel de enige baan ter wereld waarbij je elke dag precies dezelfde muur schildert, nooit verf hoeft te bestellen, nooit hoeft af te plakken en de klant altijd tevreden is.

En eerlijk is eerlijk… er zijn schilders die minder dankbare opdrachten hebben gehad.

Maar achter die glimlach en die kleine grap schuilt iets veel groters.

Want wat wij zien is geen man die “in de war” is. Wij zien een vakman die zijn hele leven hard heeft gewerkt. Iemand voor wie werken niet alleen een beroep was, maar een deel van zijn identiteit. Als je bijna een eeuw hebt geleefd, verdwijnen herinneringen soms langzaam. Maar dat gevoel van verantwoordelijkheid, trots en vakmanschap… dat blijft.

Door hem iedere ochtend zijn “werk” te laten doen, geven we hem veel meer dan een kwast. We geven hem structuur. Eigenwaarde. Herkenning. Een reden om zijn bed uit te komen. En vooral het gevoel dat hij er nog steeds toe doet.

Soms denken mensen dat goede zorg bestaat uit ingewikkelde handelingen of dure hulpmiddelen.

Maar soms past goede zorg gewoon in een pot water.

Een kwast.

Een muur.

En een zorgverlener die bereid is even mee te stappen in de belevingswereld van iemand anders.

Want uiteindelijk draait liefdevolle zorg niet om iemand steeds terug te halen naar onze werkelijkheid.

Soms is het veel mooier om heel even met hen mee te gaan naar die van hen.

En als je dan ziet hoe meneer Van den Berg na afloop met een trotse glimlach zijn “werkdag” afsluit, weet je één ding zeker:

Vandaag is er weer een muur prachtig geschilderd.

En vooral… vandaag heeft een 97-jarige vakman zich weer even precies gevoeld wie hij altijd is geweest.

“Soms zit het grootste geluk niet in wat we doen, maar in hoe we iemand laten voelen. 💙”

Wat muziek kan doen 💙💙
05/07/2026

Wat muziek kan doen 💙💙

Adres

Verzorgende Laan
Schiedam
3114

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer Praktijk zuster Dees nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Snelkoppelingen

Delen