27/03/2026
Moederliefde
Met elke golfende wee sla jij je armen strak om mij heen, wang tegen wang. Zachtjes wiegen we heen en weer. Tot het wegebt en jij het weer zelf kan. Ik ga in gedachten terug naar een gesprek dat we hadden een paar maanden geleden. Je was zoekend naar je gevoel na het nieuws dat je een zoon zou krijgen. Jij zag jezelf als mama van meisjes. Zoals jouw eerste ook een meisje werd. Dit had je niet voorzien, wat dat allemaal bij jou losmaakte ook niet. Je openheid hierover raakte me. We spraken over de aarzeling die je voelde om hem de borst te geven. Over wat voor beeld je had over ‘mannen’ en waar dat dan vandaan kwam.
Met een volgende wee trek jij me terug in het hier en nu. En in de korte momenten van rust tussendoor help ik je kleren aan te doen. Steun je op mij om je ene been in een broekspijp te steken. Het andere been moet wachten, want daar komt er weer één. De auto staat al klaar, het ziekenhuis waar je wil bevallen gelukkig niet ver, want het sneeuwt. Buiten die witte gloed is alles nog donker en rustig. Zus is net ervoor door papa weggebracht, alle focus en tijd nu naar jou en jullie komende zoon. Even nadat we aangekomen zijn in het ziekenhuis nemen we afscheid. De vroedvrouw hier neemt over en een goede vriendin zal straks ook aanwezig zijn bij de geboorte.
Een aantal dagen later kom ik jullie thuis opzoeken. In je gezellige kraamkamer vertel je hoe de bevalling verder ging. Over hoe de ontsluiting ‘bleef hangen’ en je koos voor een epidurale verdoving. Daarna genoten had van wat rust en slaap. Dat het moment net voor en na de geboorte heel intens was. Je veel paniek voelde en hem instinctief niet op je borst wilde leggen. Door geduld en de juiste woorden van jouw man en vriendin kon je in tweede instantie genieten van zijn komst. Ik vraag hoe het nu voelt, het mama zijn van je zoon. Je zegt dat de liefde voor jouw dochter voorlopig nog vanzelfsprekender voelt. Dat je niet zou zeggen dat het allemaal goed is, maar zeker ook niet slecht. (tekst gaat verder in de comments)