11/10/2026
Vaak denk ik: ge zijt een gelukzakje, Moser, dat uw ouders nog samen zijn. Niet moeten kiezen, beide ouders binnen handbereik, duidelijkheid, geen valiezen, geen plekjes waar ge u meer of minder thuis voelt, geen wekelijkse overgangen.
Onze grote kinderen waren zo klein toen we uit elkaar gingen, ik met de papa van Lily en Jul, Ismaël met de mama van Nim. ‘t Is niet dat ze een keuze hadden. Op een dag vertelden wij hen (elk afzonderlijk, want van Ismaël en mij was nog geen sprake) dat we zouden scheiden en daar moesten ze het dan mee doen. Er was wel ruimte voor verdriet, al herinner ik me niet dat dat er meteen kwam, daarvoor snapten ze het niet goed genoeg. Maar er was geen ruimte voor hen om te zeggen dat ze niet akkoord waren ofzo. Wíj́ hadden een beslissing gemaakt (de allergrootste van ons leven, besefte ik pas nadien) en zíj́ waren als volgzame eendjes die niets anders konden dan achter de feiten aanzwemmen.
Yep, ze zijn groter nu, maar de rimpelingen verdwijnen niet uit het water. Hun stem klinkt zwaarder nu en er is meer tegenspraak. Ik weet het, ‘t zijn pubers, dus verzet is er sowieso, maar er zit toch een extra laagje onder. En ik snap het.
Voor Moser zal het op dat vlak altijd (🤞🏼) iets eenvoudiger zijn en ik gun het hem zo. Ik wou dat ik het voor de groten ook simpeler kon maken, maar da’s een wens waarvan ik weet dat ik ze te lossen heb.