02/07/2026
We geloven onze gedachten vaak zonder ze te toetsen.
Voor veel vrouwen met chronische pijn of andere aanhoudende klachten zijn zelfkritische gedachten zo vanzelfsprekend geworden, dat ze niet eens meer opvallen.
"Ik ben niet goed genoeg."
"Ik doe het nooit goed."
"Ik moet harder mijn best doen."
Wanneer je zulke gedachten maar vaak genoeg denkt, gaan ze als waarheid voelen.
Maar een gedachte die waar voelt, is nog niet altijd waar.
In Filippenzen 4:8 geeft Paulus ons een heel praktisch filter om onze gedachten te toetsen.
Hij schrijft:
"...alles wat waar is, alles wat eerbaar is, alles wat rechtvaardig is, alles wat rein is, alles wat lieflijk is, alles wat welluidend is... bedenk dat."
Dat betekent niet dat je negatieve gedachten moet wegdrukken.
Maar wel dat je jezelf mag afvragen:
• Is deze gedachte waar?
• Past deze gedachte bij hoe God naar mij kijkt?
• Bouwt deze gedachte mij op of breekt ze mij af?
Niet iedere gedachte verdient het om geloofd te worden en waarde aan te hechten.
Veel gedachten komen voort uit oude overtuigingen, angst of afwijzing. Ze voelen misschien waar, maar zijn niet in overeenstemming met Gods waarheid.
In het tweede deel van de tekst moedigt Paulus ons vervolgens aan om dat ook te gaan oefenen.
Want nieuwe gedachten ontstaan niet vanzelf.
Net zoals je oude overtuigingen hebt aangeleerd, vraagt het ook oefening om je denken steeds weer terug te brengen naar wat waar is.
Welke gedachte over jezelf voelt waar, maar mag je vandaag toetsen aan Gods waarheid?