26/08/2026
De Saturnusreturn en de gele stoel
Over een jaar van schrijven en verlies, en de vraag waarvoor ik nu plaats wil maken
Aan het einde van deze week word ik achtenvijftig.
Ik zit in mijn huiskamer tussen dozen. Voor het einde van de week wil ik dat de spullen van Arno hier niet meer staan. Elk voorwerp vraagt om een keuze. Bewaren. Loslaten. Doorgeven. Het is een vreemde plek om een verjaardag te naderen, tussen wat was en wat nog geordend moet worden.
Zoals ieder jaar kijk ik rond mijn verjaardag naar mijn solaar, de horoscoop van het exacte moment waarop de zon terugkeert naar de plek waar zij stond toen ik geboren werd. Vorig jaar wist ik natuurlijk niet wat het jaar mij zou brengen. Nu ik terugkijk, herken ik de beweging. En misschien is dat precies waar astrologie voor mij over gaat. Oriëntatie. Achteraf zien welke krachten werkzaam waren, waar je terecht bent gekomen, wat het leven van je heeft gevraagd.
Een jaar waarin Mercurius maar bleef spreken
In mijn solaar van vorig jaar stond Mercurius ongeaspecteerd in Leeuw, in het eerste huis. Vurig, vrijwel op zichzelf. Ik hoef daar achteraf niet lang over na te denken. Ik heb geschreven. En geschreven. Gedacht, onderzocht, verbonden, opnieuw geschreven en weer iets ontdekt.
Mijn boek over de Energetische Windroos, het planetaire kompas, was vrijwel het hele jaar bij me. Wat begon als een manier om astrologie en windrichtingen met elkaar te verbinden, groeide steeds verder. De mens als wezen tussen hemel en aarde. De horizontale as van ik en de ander. De verticale as van boven en beneden. Planeten als krachten. Poorten en bezoekers. Het innerlijke landschap. Bewoner worden van jezelf. En steeds opnieuw die ene vraag: waar ben ik? Ik dacht dat ik een boek aan het schrijven was. Langzaam ontdekte ik dat ik ook mijn eigen taal aan het vinden was.
Maar Mercurius was niet het hele verhaal. Er stond nog iets in mijn solaar: een Yod, wat in de astrologie ook wel de Vinger Gods wordt genoemd. Twee krachten vormen samen een basis en wijzen naar een derde punt, waar iets niet eenvoudig kan blijven zoals het was. Aan de basis van mijn Yod stonden Uranus en Saturnus met Neptunus. Op de apex stond de maan, vrijwel exact op mijn geboortemaan, opnieuw op nul graden Schorpioen. Alsof het jaar vanaf het begin zei: je kunt dit allemaal bedenken en beschrijven, maar uiteindelijk ga je naar de maan. Naar voelen. Naar behoefte. Naar veiligheid. Naar thuis. Naar verlies en verbondenheid. Naar wat je niet oplost door het te begrijpen.
Toen kwam het leven tussen mij en mijn boek
De laatste maanden stopte het schrijven vrijwel helemaal. Het boek was nog altijd belangrijk. Het leven vroeg alleen iets anders van mij.
Na het overlijden van Arno kwam er zoveel op mijn pad wat eerst gedaan moest worden. Afscheid. Verdriet. Praktische zaken. Schulden. Spullen. Boeken. Verkopen. Opruimen. Ordenen. Mijn huis vulde zich met wat van hem was geweest. En terwijl ik het leegmaak, merk ik iets. Het boek heeft niet stilgestaan. Ik schreef alleen even niet meer met woorden. De vragen waarover ik geschreven had kwamen mijn leven binnen. Wat is van mij? Wat is van de ander? Wat draag ik? Wat mag ik teruggeven? Waar ligt mijn grens? Wanneer heb ik iemand anders nodig? Hoe blijf ik aanwezig wanneer mijn landschap verandert? En uiteindelijk: hoe word ik opnieuw bewoner van mijn eigen ruimte? De Windroos was geen onderwerp meer waarover ik schreef. Ik stond er middenin.
Dat is misschien wel mijn belangrijkste inzicht van dit afgelopen levensjaar. We denken vaak dat iets stilligt wanneer we er niet actief mee bezig zijn. Een boek dat niet geschreven wordt. Een ontwikkeling die we niet kunnen zien. Maar sommige processen verdwijnen tijdelijk onder de grond, waar ze gevoed worden door het leven zelf. Mijn ongeaspecteerde Mercurius wilde woorden vinden voor de Windroos. Mijn maan op de apex van de Yod vroeg mij om die woorden te belichamen. Ik schreef niet alleen over aanwezigheid, ik moest aanwezig blijven. Ik schreef niet alleen over begrenzen, ik moest onderscheiden wat van mij was en wat van de ander. Ik schreef niet alleen over het innerlijke landschap, ik moest er opnieuw in leren wonen.
En nu verandert de Yod
Komend weekend begint mijn nieuwe zonnejaar. Er staat opnieuw een Yod in mijn solaar, maar dit keer staat de maan niet op de apex. Aan de basis staan Pluto en Neptunus. Op de apex staan de zon en Mercurius samen in Maagd. Dat raakt me. Precies de planeet die vorig jaar zo ongeremd bezig was met denken en schrijven, komt nu samen met de zon op het punt waar verandering gevraagd wordt. Het voelt als een volgende beweging. Maagd vraagt om onderscheid. Wat is wezenlijk? Wat hoort bij mijn werk? Wat wil werkelijk gezegd worden, en wat mag eruit? Misschien begint daar een andere fase van het boek. Steeds duidelijker zien wat de essentie van de Windroos is, in plaats van steeds verder ontdekken wat ze allemaal kan bevatten.
De nieuwe solaar heeft nog een beeld dat ik meeneem. Zon en maan staan tegenover elkaar: zon en Mercurius in Maagd in het elfde huis, de maan in Vissen in het vijfde. Vorm en overgave. Onderscheiden en ontvangen. Mijn eigen scheppingskracht en het grotere veld. Ik ervaar de laatste tijd steeds sterker dat ik niet alles alleen hoef te bedenken of te dragen. Een droom van deze week liet me dat eenvoudig zien. Ik was op een boerderij. Er moest iets gedaan worden. Ik stond met een schep, iemand anders had een schuif. Samen was het zo gebeurd. Ik hoef alleen mijn eigen gereedschap vast te houden. Een ander mag het zijne meenemen.
En in mijn nieuwe solaar staat Venus ongeaspecteerd in Weegschaal, in het eerste huis, dicht bij de ascendant. Na een jaar met die vurige Mercurius voelt dat als een heel andere uitnodiging. Ontvangen naast maken. Ontmoeten naast begrijpen. Ontdekken welke mensen naast mij willen lopen, naast mijn eigen weg zoeken. In dezelfde droom zette ik op de boerderij een gele stoel klaar. Iemand zag hem en glimlachte. Ik weet nog niet precies voor wie die stoel is. Dat hoeft ook niet. Deze week maak ik ruimte. In mijn huis, in mijn werk, in mijn boek, in mezelf.
De drempel van een nieuwe cyclus
Er zit nog een laag onder dit jaar die ik niet ongenoemd wil laten. Mijn radix-Saturnus staat op vijfentwintig graden Ram, en daarmee zit ik middenin de periode van mijn tweede Saturnusreturn. In de solaar van het afgelopen jaar stond Saturnus nog op dertien graden Ram: het exacte moment komt later, maar het proces is al lang begonnen, doordat Saturnus door hetzelfde teken en dezelfde levensfase beweegt als bij mijn geboorte.
Mijn eerste Saturnusreturn, rond mijn negenentwintigste, ging over volwassen worden. Verantwoordelijkheid nemen voor de vorm van mijn eigen leven. Deze tweede return, rond de achtenvijftig, heeft een andere lading. De vraag wordt: welke vorm van mijn leven is werkelijk van mij geworden, en welke vorm wil ik niet langer meenemen? Bij mij staat Saturnus bovendien niet los. Hij is de apex van mijn radix-Yod, een plek in mijn eigen landschap waar spanning en levensopgave altijd al samenkwamen.
Zo bezien wordt het opruimen van mijn huiskamer, precies deze week, minder toevallig. Een Saturnusreturn gaat uiteindelijk over tijd. Wat neem ik mee uit de vorige levensfase naar de volgende? Wat heeft zijn tijd gehad? Waarvoor wil ik de tijd die mij gegeven is nog gebruiken? Dat is een andere vraag dan op mijn negenentwintigste, toen een groot deel van het volwassen leven nog voor me lag. Rond de achtenvijftig weet je wat het kost om iets te dragen. Saturnus wordt dan radicaler. Dit is mijn tijd. Waar geef ik haar aan?
En daar komt Venus bij, ongeaspecteerd op mijn ascendant in het nieuwe jaar. Saturnus hoeft niet te betekenen dat het komende jaar alleen maar ernstig of plichtmatig wordt. Venus vraagt ernaast: wat is het waard om te blijven? Waar houd ik van? Wat geeft mij vreugde? Met wie wil ik mij verbinden? Een mooie correctie op de vraag wat ik moet, naar de vraag waaraan ik mijn kostbare tijd wil geven.
Waar ben jij?
Mijn gele stoel uit de droom heeft voor mij inmiddels een laag extra betekenis, zonder dat ik hem wil vastleggen. Ik ben niet alleen dingen aan het weghalen uit mijn leven. Ik ben aan het bepalen waarvoor ik in de volgende levensfase een plaats wil vrijhouden.
Misschien herken jij die beweging ook. Een moment waarop iets in je leven stillag, terwijl er ondergronds meer gebeurde dan je kon zien. Een periode waarin je aan het opruimen was, letterlijk of innerlijk, en pas achteraf merkte dat je tegelijk iets nieuws aan het bouwen was. Een vraag die je al langer met je meedraagt over wat werkelijk van jou is geworden, en wat je niet langer hoeft mee te nemen.
Zondag, twee dagen na mijn verjaardag, geef ik opnieuw een systemische opstelling met planeten. We gebruiken de planeten niet om de toekomst te voorspellen. We zetten ze in het veld om zichtbaar en voelbaar te maken welke krachten in jouw landschap werkzaam zijn. Waar sta je? Wat trekt aan je? Wat houdt je tegen? Wat behoort jou toe, en wat draag je voor een ander? Waar wil beweging ontstaan, en waar heb jij werkelijk te staan?
Terwijl ik mijn eigen nieuwe zonnejaar inga, neem ik één vraag mee die zowel bij mijn boek als bij de opstellingen hoort. Waar ben ik nu, en wat wordt mogelijk wanneer ik werkelijk mijn plaats inneem?
Zondag is de eerstvolgende gelegenheid om dat zelf te ervaren, in de systemische opstelling met planeten. https://hipsy.nl/shop/234099-spreken-met-planeten
Zeven overwegingen
1. Welk deel van je leven leek stil te liggen, terwijl er ondergronds iets werd gevoed?
2. Wanneer heb je voor het laatst iets opgeruimd dat niet meer van jou was, en wat kwam daardoor vrij?
3. Waar in je leven schrijf of denk je vooral, en waar zou je meer mogen ontvangen?
4. Welke vorm van je leven is werkelijk van jou geworden, en welke vorm draag je nog mee uit gewoonte?
5. Als je aan een schuif en een schep denkt, wie helpt jou dragen wat jij niet alleen hoeft te tillen?
6. Voor wie of wat zou jij een lege stoel klaarzetten, zonder meteen te weten voor wie die bedoeld is?
7. Waar wil jij je kostbare tijd, je liefde en je levenskracht de komende periode aan geven?
Lees verder op: https://via-sophia.nl/de-saturnusreturn-en-de-gele-stoel/
De 1e Saturnusreturn, rond 29, gaat over volwassen worden. De 2e return, rond 58 vraagt: welke vorm van mijn leven is werkelijk van mij