19/06/2026
Het thema: afwijzing. Een onderwerp dat regelmatig terugkomt in onze praktijk.
Afwijzing raakt zelden alleen het moment zelf. Vaak raakt het een veel oudere pijn.
Het gevoel afgewezen te worden.
Ons volwassen deel begrijpt meestal dat een afwijzing niet persoonlijk hoeft te zijn. Dat iemand een andere keuze maakt. Dat een situatie niet past. Dat een “nee” niet betekent dat wij niet goed genoeg zijn.
Soms is er niet eens sprake van een echte afwijzing.
Soms is het een bepaalde blik.
Een intonatie.
Een stem die afstandelijk klinkt.
Een reactie die uitblijft.
Kleine signalen in het hier en nu kunnen oude ervaringen van niet gezien, niet gehoord of niet belangrijk zijn opnieuw wakker maken.
En voordat we het beseffen, reageren we niet alleen op wat er nu gebeurt, maar ook op wat ooit pijn heeft gedaan.
Maar ergens vanbinnen kan een ander deel wakker worden.
Het kindsdeel dat zich ooit niet gezien voelde.
Dat verlangde naar erkenning.
Dat bang was om buitengesloten te worden.
Dat leerde dat liefde, aandacht of waardering verdiend moesten worden.
Dat deel hoort niet alleen een afwijzing.
Het hoort:
“Ik ben niet belangrijk.”
“Ik doe er niet toe.”
“Ik ben niet goed genoeg.”
En precies daar wordt een oude wond opnieuw geraakt.
Niet door wat er vandaag gebeurt, maar door wat die ervaring van vroeger opnieuw aanraakt.
Heling begint wanneer we dat verschil leren herkennen.
Wanneer ons gezonde volwassen deel kan zeggen:
“Ik zie dat dit pijn doet.”
“Ik begrijp waarom dit je raakt.”
“Maar deze afwijzing bepaalt niet wie je bent.”
Dan hoeven we niet langer te vechten tegen de pijn, ons terug te trekken of onszelf voortdurend te bewijzen.
Dan kunnen we aanwezig blijven bij wat geraakt wordt, zonder erin te verdwijnen.
Misschien is dat wel de uitnodiging van afwijzing:
Niet om harder ons best te doen voor acceptatie van anderen, maar om de delen in onszelf te ontmoeten die nog steeds wachten op onze eigen acceptatie.