24/06/2026
Een tijdje geleden schreef ik:
“Veel vrouwen verlangen niet naar méér.
Ze verlangen naar rust.”
Terwijl ik die woorden schreef, wist ik ergens diep vanbinnen dat ze ook voor mij bedoeld waren.
Want de afgelopen maanden waren intens.
Zorgen om onze gezondheid.
Operaties en herstel.
Veel werk.
Nieuwe ideeën voor de boerderij.
Mijn praktijk.
Projecten die mijn aandacht vroegen.
Allemaal mooie en belangrijke dingen.
Maar ook veel.
Begin juni voelde ik daarom aan alles dat de rem erop moest.
Niet omdat alles af was.
Niet omdat er eindelijk tijd over was.
Maar juist omdat ik merkte dat ik ruimte nodig had.
Dus vertrok ik alleen naar Italië.
Eerst naar mijn broer en zijn gezin in Rome.
Daarna naar hun familiehuis aan zee.
Wakker worden met Italiaanse koffie.
Voeten in het zand.
Een goed boek.
Zwemmen in de zee.
Overheerlijke pasta’s.
Kijken naar de horizon zonder ergens naartoe te hoeven.
En langzaam gebeurde wat ik eigenlijk al wist.
Rust ontstaat niet vanzelf.
Je moet haar soms bewust opzoeken.
Pas toen ik vertraagde, voelde ik hoeveel er verwerkt mocht worden.
Hoeveel onrust er nog in mijn lijf zat.
Hoeveel behoefte er was aan stilte.
Geen grootse inzichten.
Wel iets veel waardevollers:
ruimte.
Ruimte om weer te voelen.
Ruimte om te ademen.
Ruimte om thuis te komen bij mezelf.
En ergens daar, tussen de zee, de stilte en het niets hoeven, werd ik opnieuw herinnerd aan iets wat ik ook in mijn werk steeds terugzie:
Dat we vaak niet méér nodig hebben.
Maar minder.
Minder moeten.
Minder haasten.
Minder dragen.
En meer ruimte om te voelen wat er werkelijk speelt.
Misschien is dat wel wat ik steeds opnieuw probeer mee te geven.
Dat je niet altijd nóg harder hoeft te werken aan jezelf.
Soms begint verandering juist wanneer je even stopt met duwen.
En gewoon gaat zitten.
Ademt.
Kijkt naar de zee.
En jezelf weer hoort. 🤍🌊