24/07/2026
S P E L L E T J E S V O O R O N D E R W E G 2/3 π£οΈπ²
Nog niet aangekomen op je vakantiebestemming? Met deze taalspelletjes wordt de reis een stuk gezelliger en vliegt de tijd voorbij. Zo oefenen kinderen weer spelenderwijs allerlei taalvaardigheden.
Hier zijn weer vijf leuke ideeΓ«n voor onderweg! πβοΈ
1. Verzin een vakantieverhaal π
Iedereen zegt om de b***t één zin. Begin bijvoorbeeld met: 'Op de eerste dag van de zomervakantie zagen we ineens...."
Vul het verhaal steeds een stukje aan. Maak een gek, grappig, zomers, spannend of avontuurlijk verhaal π
2. 'Ik zie, ik zie...'ππ
Speel de bekende variant, maar kies alleen dingen die je onderweg kunt zien of die met de vakantie te maken hebben.
3. Zomerse categorieΓ«n ππ»
Noem een categorie dat te maken heeft bij de zomer en laat iedereen zoveel mogelijk woorden bedenken die passen bij deze categorie. Bijvoorbeeld: strandspullen, dieren die je op vakantie ziet, ijsjes, watersporten, dingen op de camping etc.
4. Tegenstellingen ππ₯Ά
Noem een woord en laat de kinderen de tegenstelling bedenken:
- warm > koud
- nat > droog
- licht > donker
- vertrekken > aankomen
- dichtbij > ver weg
- etc.
5. Maak een zin π£οΈ
Geef drie woorden die allemaal in de zin moeten voorkomen en maak hier een zin mee!
Bijvoorbeeld: strand - flamingo - ijsje π¦
Veel plezier! π΄