Barbara Veldt

Barbara Veldt ...alles over relaties, het leven, opvoeding persoonlijke ontwikkeling en psychologie ! Verbind je met mij en deze pagina en wordt lid van de community!

"Ontdek de kracht van relaties: verbinden, groeien en liefhebben"

Welkom op deze Facebookpagina gewijd aan relaties - in de breedste zin van het woord! Hier deel ik inspirerende inzichten, overpeinzingen, ervaringen en waardevolle tips om je relatie te versterken, of je nu in een intieme relatie zit, een langdurige verbintenis hebt, een gezinsleven hebt, of jezelf gewoon wilt verdiepen in de wetm

atigheden van het leven en de liefde. Ik geloof dat verbindende relaties de kern vormen van ons welbevinden, en ik wil je graag ondersteunen bij het creëren van liefdevolle en vervullende verbindingen. Of je nu op zoek bent naar manieren om de intimiteit in je relatie te vergroten, communicatieproblemen te overwinnen, jezelf beter te begrijpen als mens, ouder, partner of kind van, of jezelf afvraagt hoe je een gezonde en gebalanceerde relatie kunt onderhouden, je bent hier aan het juiste adres. Ik moedig diversiteit en inclusiviteit aan in al de content van deze pagina. Ongeacht je geslacht, seksuele oriëntatie, culturele achtergrond, rol, positie of status, mijn doel is om jou te voorzien van waardevolle, inzichtgevende informatie die je kunt toepassen in je eigen leven. Hier kun je vragen stellen, ervaringen delen en leren van gelijkgestemde individuen die streven naar betere relaties. Samen bouwen we aan een wereld waarin liefde en verbondenheid centraal staan. Klaar om de reis naar meer liefdevolle relaties te beginnen? Klik op 'Vind ik leuk' en volg deze pagina voor dagelijkse doses, inspiratie en waardevolle inzichten. Samen kunnen we de magie van relaties ontrafelen en de liefde in ons leven laten floreren. Welkom in deze community - waar relaties tot leven komen! 💖

Ze houdt haar jas aan als ze gaat zitten, en dan mompelt ze een zin die ik wel vaker hoor. "Ik moet eerlijk zeggen dat i...
08/06/2026

Ze houdt haar jas aan als ze gaat zitten, en dan mompelt ze een zin die ik wel vaker hoor. "Ik moet eerlijk zeggen dat ik het eigenlijk zonde vind van jouw tijd. Er zijn vast cliënten die deze sessies harder nodig hebben dan ik," zegt ze. "Ik functioneer prima." En dat is ook zo. Dat is me tijdens het eerste gesprek wel duidelijk geworden.

Als je haar zou beoordelen op alles wat zichtbaar is, slaagt ze met vlag en wimpel. Ze heeft een baan waarin mensen háár bellen als het ingewikkeld wordt. Een gezin dat ogenschijnlijk op rolletjes loopt. Een telefoon vol verjaardagen, het hele sociale netwerk dat zij warm houdt. Ze is het type dat in een groepsapp de chaos al heeft opgelost terwijl de rest nog aan het typen is dat ze het zo vervelend vindt. Valt er ergens een bal, dan vangt zij hem. En vraag je hoe het gaat, dan zegt ze "druk, maar goed", met de klemtoon op druk. Druk is respectabel. Druk betekent dat je nodig bent.

Als ik vraag hoe ze er vandaag bijzit, vertelt ze over haar week alsof ze een boodschappenlijstje opdreunt. Vergadering. Een avond knokken met haar puberdochter. Slecht geslapen. Toch weer op. Ergens donderdag een migraine die ze, en dat zegt ze er bijna verontschuldigend bij, "niet kon gebruiken". De vraag 'hoe zit je er vandaag bij' is eigenlijk bedoeld om haar te laten inchecken in haar lijf. Dat komt echter niet in haar op, ik laat het er voor nu even bij.

In de lange lijst hoor ik alleen op het stuk over haar dochter een kleine hapering in haar stem. Ze heeft de deur erover dichtgeslagen. Vervelend, zegt ze, maar daar lag ze niet wakker van. Waar ze wél wakker van lag, kwam later. Toen het huis donker was en haar man naast haar in slaap, lag zij naar het plafond te kijken. Iedereen sliep. Alleen die ene stem niet, en die had op dat uur het rijk alleen.

Die stem schreeuwt niet. Het is een zachte, venijnige stem die geen volume nodig heeft om te weten dat het gelijk krijgt. Je hebt overdreven. Je hebt het verpest. Je lijkt je moeder wel. Je had het kunnen zien aankomen. Je had zachter moeten zijn, en tegelijk strenger, en eerder, en anders, en beter.

Ze lacht erbij. Een klein, geoefend lachje waarbij de ogen niet meedoen. Ik noem het het deurmatmoment. Je veegt er net genoeg ernst aan af om de kamer niet te belasten. Het is het lachje van iemand die geleerd heeft haar pijn eerst netjes in te pakken voor ze hem op tafel legt, zodat niemand schrikt. Zijzelf nog wel het minst.

Ze is haar leven lang zo goed geweest in aanvoelen wat anderen van haar nodig hadden, dat de lijn naar wat zíj nodig heeft ergens onderweg is gaan ruisen. Niet doorgesneden. Alleen overstemd. Je past je duizend keer aan, vriendelijk, soepel, behulpzaam, en op een dag merk je dat je niet meer goed weet welke van die bewegingen van jou was en welke van de kamer.

"Die stem wil ik kwijt," zegt ze. "Dat is de enige reden waarom ik hier zit. Hij sloopt me."

Natuurlijk wil ze hem kwijt. Wie wil er nu samenwonen met een inspecteur die nooit met vakantie gaat, nooit een keer zegt dat het zo ook prima is, en elke dag afsluit met een evaluatie waar je niet om hebt gevraagd. De meeste mensen komen hier met een verlanglijstje, of moet ik zeggen een wegwerplijstje?! Dit mag weg. De schaamte ook. En als het even kan voor de zomer nog die gewoonte om alles wat misgaat meteen op zichzelf te betrekken. Ik chargeer.

Alleen werkt het zo zelden. Wat je in jezelf bevecht, wordt bijna nooit kleiner van de strijd. Het wordt slimmer. Het leert onderduiken, het komt 's nachts terug, het verandert van stem maar niet van werk.

Dus ik begin niet bij de stem. Ik vraag haar iets wat in een spreekkamer bijna raar klinkt. Niet wat er aan de hand is. Niet wat ze ervan denkt. Ik vraag of ze kan zoeken naar een houding die een heel klein beetje prettiger zit dan de houding waarin ze nu zit. Ze kijkt me aan alsof ik haar een oneerbaar voorstel doe. Er zit duidelijk weerstand in haar beweging maar voor nu ben ik even degene waar ze zich naar voegt. En dan, aarzelend, schuift ze iets. Haar rug iets minder recht. Nu doet ze haar jas uit en ze draait voorzichtig met haar schouder. Die zakt heel subtiel. "Zo," zegt ze, en ze hoort haar eigen verbazing. Niemand heeft haar in jaren gevraagd wat prettig zit. Zij vraagt het ook nooit aan zichzelf. Daar begint het. Niet bij begrijpen. Bij gewaarworden. Iets in haar reageert op die ene vraag, zoals alles wat leeft wakker wordt zodra er eindelijk iemand aanwezig is in plaats van alleen maar bezig.

Met een zachtere stem vervolg ik. Ik vraag haar wanneer zij deze stem voor het eerst nodig had.

Ze kijkt weg. Geïrriteerd, alsof haar hoofd alvast wil melden dat dit therapeutengezwets is. En toch ook nu gebeurt er iets. Naast de vrouw die vergaderingen voorzit en weet waar in huis de reservesleutels liggen, komt heel even iemand anders zitten. Kleiner. Oplettender. Aanweziger. "Acht," zegt ze. Ze poogt er iets nonchalants in door te laten klinken. "Misschien jonger. Mijn moeder was vaak ziek. Ik hield het stil, dan werd het niet erger."

En in die ene zin verandert de stem van gedaante. Hij is niet meer alleen de kwelgeest die haar om drie uur wakker houdt. Hij is ook het meisje dat wist welke traptree kraakte. Dat haar glas altijd met twee handen omvatte om te voorkomen dat ie omviel. Streng zijn voor zichzelf was al heel jong een baan geworden die ze uiterst serieus nam.

Dat is het misverstand dat we bijna allemaal over onze eigen hardheid meedragen. We denken dat ze tegen ons is. We schelden haar uit, noemen haar onze perfectionist, onze slavendrijver, ons rotstemmetje, en doen alsof ze ons leven komt verpesten uit pure boosaardigheid. Terwijl ze ooit misschien de enige in huis was die snapte hoeveel er op het spel stond. Niet in woorden. In dat kinderlijke weten: als ik nu niet oplet, gaat het mis. Als ik te veel ben, bezwijkt er iets. Als ik niets nodig heb, blijft het misschien heel.

Die stem is dus niet als vijand begonnen. Hij begon als nachtwaker. Hij hield de wacht in een huis waar verder niemand de wacht hield, en hij deed het zo goed dat ze het heeft overleefd. Hij leerde haar vooruitkijken, gezichten lezen, zichzelf corrigeren voor een ander de kans kreeg. Hij maakte haar onmisbaar. Het enige wat niemand hem ooit heeft verteld, is dat de oorlog allang voorbij is. Niemand heeft hem afgelost. Niemand is een keer naast hem komen staan om te zeggen: ga jij maar slapen, ik hou het vannacht wel in de gaten.

Ik ken die kwelgeest in een andere vermomming. Na de dood van mijn moeder, en later ook mijn vader, ontstond bij mij geen stem die elke nacht mijn fouten opsomde. Bij mij ging er een motor draaien. Maken. Werken. Begrijpen. Doorgaan. Muziek was mijn taal, en juist die deur hield ik jarenlang dicht, omdat ik ergens wist dat daar niet alleen klank achter zat, maar ook gemis. Er zat iets bijna trouws in dat doorgaan. Alsof ik niet alleen mijn eigen leven moest leiden, maar ook iets van haar moest meenemen, voortzetten, waarmaken. Een opdracht zonder briefje erbij.

Van een afstand ziet zoiets er prachtig uit. Mensen noemen het discipline, talent, doorzettingsvermogen. Ze zeggen dat je veel voor elkaar krijgt, en dat klopt. Oude overlevingskracht is niet alleen verdrietig, ze is vaak verbluffend goed georganiseerd. Ze bouwt loopbanen, houdt gezinnen overeind, onthoudt elke verjaardag en weet precies waar de pleisters liggen. Alleen vraagt zelden iemand wie daar al die tijd aan het stuur zit. En of die ooit heeft geleerd de motor uit te zetten zonder bang te worden.

Ik vertel haar dit niet. Het gesprek gaat niet over mij. Maar ik vraag of ze zich kan voorstellen dat die stem niet slecht is, alleen doodmoe. Niet wijs, niet de geschikte leider van haar leven, wel een oude kracht die veel te jong is gaan werken en nooit meer gestopt is.

Ze kijkt me aan zoals je kijkt naar iemand die net beweert dat de inbreker eigenlijk je huis kwam bewaken. Ze wil wel mee, en tegelijk vindt iets in haar het bijna een belediging. Die stem geen vijand? Het ding dat haar nachten inpikt, haar moederschap verdacht maakt, haar nooit eens gewoon laat zijn?

Ik vraag niet of ze hem kan wegsturen. Ik vraag of hij er even mag zijn. Hier, in deze kamer, zonder dat hij iets hoeft te doen, zonder dat hij hoeft te verdwijnen. Wat we niet meer bevechten, hoeven we ook niet meer buiten te houden. En wat eindelijk mag bestaan, laat vaak voor het eerst zien waarvoor het al die jaren heeft gestaan.

Niets plechtigs dus. Geen kaarsen, geen tromgeroffel. Gewoon hier, tussen de tissuedoos en haar telefoon die met het scherm naar beneden op de armleuning ligt, alsof zelfs dat ding even niets mag willen. "Zou je tegen die stem kunnen zeggen dat je ziet hoe lang hij al staat?"

"Dit is echt belachelijk," zegt ze. Ik zeg dat belachelijk vaak een prima begin is. Het hoeft niet mooi.

Ze kijkt naar een punt op de vloer. En dan, bijna binnensmonds: "Ik zie dat je heel lang in je eentje hebt staan opletten."

Ze verwacht er niets van. Dat is precies waarom het werkt. De stem verdwijnt niet. Maar voor het eerst staat ze niet tegenover hem met getrokken mes. Ze kijkt hem aan. En in dat kijken schuift haar hele binnenwereld een paar millimeter op. Genoeg voor lucht. Genoeg om te merken dat onder al dat oordeel geen wreedheid zat, maar angst. Heel oude, heel trouwe angst.

"Ik heb hem mijn leven lang gehaat," zegt ze. Zachter nu. "En hij was misschien de enige die doorhad hoe alleen ik was."

Zulke zinnen kun je niet bedenken. Ze komen niet uit het hoofd, dat zou ze gladder hebben geformuleerd. Ze komen van de plek waar iemand even ophoudt zichzelf te behandelen als een project met achterstallig onderhoud, en zichzelf begint te zien als iemand met een geschiedenis. Iemand die niet alleen gedrag heeft, maar redenen. Geen goede redenen voor nu misschien. Wel volstrekt begrijpelijke redenen van toen.

Ze loopt mijn kamer niet als een ander mens uit. Zo werkt het niet, en ik wantrouw elke bevrijding die zich na één gesprek aandient. De stem meldt zich die avond gewoon weer. Misschien iets zachter, misschien ook niet.

Maar er is iets verschoven dat niet terugschuift. Ze kan niet meer terug naar het moment waarin ze hem alleen nog haatte. Ze heeft hem aangekeken, en voor het eerst gezien wat hij al die jaren heeft bewaakt.

Zo'n oude wacht geeft zijn sleutels niet zomaar af. Hij wacht tot er eindelijk iemand thuiskomt bij wie hij ze durft neer te leggen.

Soms wordt het pas stil vanbinnen als het deel dat altijd moest waken eindelijk voelt dat jij thuis bent.

Jezelf wegcijferen was nooit een keuze. Het was je overlevingsstrategie.Er zijn kinderen die niet leren voelen omdat iem...
07/06/2026

Jezelf wegcijferen was nooit een keuze. Het was je overlevingsstrategie.

Er zijn kinderen die niet leren voelen omdat iemand naast hen gaat zitten en vraagt: wat gebeurt er vanbinnen bij jou?

Zij leren voelen omdat het nodig is.

Omdat ze aan een wenkbrauw moeten zien of het veilig is in de woonkamer. Omdat ze aan een zucht in de gang moeten horen of er ruimte is voor hun verhaal. Omdat ze al vroeg begrijpen dat sommige vragen beter ongesteld kunnen blijven.

Niemand spreekt dit af. Niemand zegt: vanaf vandaag ben jij verantwoordelijk voor de sfeer in dit huis. Het gebeurt geruisloos.

Je wordt een expert in aftasten. Je voelt de kamer voordat je jezelf voelt. Je weet wanneer je stil moet blijven, wanneer je iets luchtig moet maken, wanneer je niet moet zeuren en wanneer je moet verdwijnen zonder dat iemand het merkt.

Later noemen mensen dat intuïtie. Of zorgzaamheid. Maar soms... is het oude waakzaamheid in een mooie jas.

Afgelopen week werd dat oude systeem in mij in minder dan een seconde wakker.

Ik was bij een werkbijeenkomst. Ik zei iets, en ik zag de blik van de facilitator naar een collega gaan. Dat was alles. Eén blik.

Toch bleef mijn hoofd er de hele middag betekenis aan geven. Had ik iets verkeerd gezegd? Was ik te veel? Te zichtbaar? Te uitgesproken? Daaronder klonk die oude, vertrouwde zin: Zie je wel, Barbara. Dit krijg je ervan als je jezelf laat zien. Daar vinden mensen wat van.

Dat is misschien het eenzaamste aan te veel voelen voor de ander. Je registreert feilloos elke ademhaling in de ruimte, terwijl je jezelf pas opmerkt als je leeg bent. Moe. Of ineens intens boos om iets heel kleins.

Ik dacht lang dat het aan mij lag. Dat ik me aanstelde en het beter kon negeren. Maar ruimte voor jezelf begint niet met harde grenzen of grote conclusies.

Misschien begint het met één seconde niet invullen voor de ander. Met één ademhaling voordat je ja zegt. Met het ongemak verdragen dat je iets niet hoeft uit te leggen, te verzachten of terug te nemen.

Jezelf wegcijferen hield je vroeger veilig.

Nu mag je oefenen met iets anders: aanwezig blijven in je eigen leven. Ook als iemand anders kijkt, zwijgt, of er eventueel iets van vindt.

Sterk en krachtig zijn niet hetzelfde.Dat is misschien een zin die pas binnenkomt als je al heel lang sterk bent geweest...
06/06/2026

Sterk en krachtig zijn niet hetzelfde.
Dat is misschien een zin die pas binnenkomt als je al heel lang sterk bent geweest.

Sterk is het deel dat doorgaat. Dat draagt. Dat alvast nadenkt. Dat spanning sneller registreert dan iemand iets heeft gezegd. Dat ja zegt terwijl het lijf al nee fluistert.

Sterk heeft vaak een indrukwekkend cv.
Alleen is sterk lang niet altijd vrij.

In mijn werk zie ik hoe vaak die sterkte ooit noodzakelijk was. Een kind dat te vroeg leerde scannen. Een meisje dat voelde dat haar rust, haar vrolijkheid of haar aanpassing nodig was om het thuis leefbaar te houden. Een jonge vrouw die ontdekte dat controle veiliger voelde dan leunen.

Dan wordt sterk een deel in jou.
Een deel dat stuurt, regelt, voorkomt, opvangt en bewaakt.

De afgelopen jaren heb ik me, naast EFT, EFIT, schematherapie en lichaamsgerichte therapie, waaronder Sensorimotor Psychotherapy, ook verdiept in Internal Family Systems. IFS helpt mij om met meer respect te kijken naar die delen in onszelf. Niet als stukjes die weg moeten, maar als innerlijke beschermers die ooit precies hebben gedaan wat nodig was.

Ook in mijn trajecten werk ik steeds vaker met die combinatie: hechting, lichaam en delenwerk.

Want controle zit niet alleen in je hoofd. Controle woont vooral in je lichaam, in je manier van kijken, in je manier van alvast drie stappen vooruit zijn.

Dat deel ontspant meestal niet omdat iemand zegt: “laat het maar los.”

Het ontspant pas wanneer het merkt dat er iets anders in jou aanwezig is. Iets rustigers. Iets dat kan leiden zonder te forceren.

Daar begint de beweging van sterk naar krachtig.

Het sterke deel mag blijven.
Het hoeft alleen niet meer aan het stuur.
Meerijden is genoeg.

In mijn werkboek neem ik je mee naar die laag. Naar het meisje dat ooit besloot: ik regel het wel.

Je kunt het werkboek downloaden via de link in mijn bio.

Misschien ontdek je dat je niet sterker hoeft te worden. Misschien mag juist het deel dat altijd sterk moest zijn, eindelijk gedragen worden.





Als liefde voorwaardelijk voelt, ga je zelden twijfelen aan de liefde. Je gaat twijfelen aan jezelf.Je leert scannen. Wa...
03/06/2026

Als liefde voorwaardelijk voelt, ga je zelden twijfelen aan de liefde. Je gaat twijfelen aan jezelf.

Je leert scannen. Wat wordt er verwacht? Waar moet ik aan voldoen? Wanneer ben ik te veel? Wanneer ben ik te lastig? Wanneer word ik weer veilig dichtbij gelaten?

En ergens onderweg wordt aanpassen iets wat op liefde lijkt.

Je wordt lief. Begrijpend. Meegaand. Sterk. Je voelt haarfijn aan wat een ander nodig heeft en noemt dat misschien zorgzaamheid, loyaliteit of karakter. Onder die soepelheid zit vaak iets anders: de stille angst dat liefde verdwijnt zodra jij niet meer klopt met het plaatje van de ander.

Want als de liefde dun is, worden fouten dik aangezet.

Een verkeerde toon wordt ineens brutaal. Een grens wordt ondankbaarheid. Een traan wordt drama. Een behoefte wordt lastig.

En dus leer je jezelf bij te werken. Een beetje minder boos. Een beetje minder verlangend. Een beetje minder aanwezig. Alsof je een versie van jezelf moet worden die makkelijker vast te houden is.

Liefde die alleen blijft wanneer jij jezelf kleiner maakt, leert je vooral hoe je jezelf kwijtraakt.

Herstel begint vaak op die plek waar je gaat zien welke voorwaarden je ooit bent gaan dragen alsof ze van jou waren. Misschien heb je jarenlang gedacht dat jij ingewikkeld was, gevoelig, veeleisend of moeilijk lief te hebben, terwijl je in werkelijkheid vooral probeerde te overleven in liefde waar weinig ruimte was voor jouw hele mens-zijn.

Misschien was je nooit te veel. Misschien was de liefde om je heen te bezet.

Van sterk naar krachtig begint soms met deze verschuiving: ik hoef mezelf niet langer bij te schaven om dichtbij te mogen blijven.

“Laat het toch eens los.”Ik denk dat dit één van de meest machteloze zinnen is die je kunt zeggen tegen iemand bij wie c...
01/06/2026

“Laat het toch eens los.”

Ik denk dat dit één van de meest machteloze zinnen is die je kunt zeggen tegen iemand bij wie controle diep in het systeem zit.

Want controle is vaak geen gewoonte. Geen persoonlijkheidsdingetje. Geen kwestie van een beetje meer ontspannen, vaker ademen en een lavendelkaars aansteken alsof je zenuwstelsel dan denkt: oh fijn, probleem opgelost.

Controle is vaak oud.

Ze begon misschien op een plek waar jij moest opletten. Waar jij de stemming leerde lezen. Waar jij voelde dat jouw rust, jouw aanpassing, jouw vooruitdenken iets in huis bij elkaar hield.

En later ziet dat eruit als plannen, regelen, checken, zorgen, doorgaan, alles overzien. Van buiten lijkt het kracht. Vanbinnen is het soms angst die haar jas heeft aangetrokken en aan het werk is gegaan.

In aflevering 12 van mijn podcast Hechting bij sterke vrouwen onderzoek ik controle niet als probleem, maar als geschiedenis. Als bescherming. Als oude trouw aan een systeem waarin jij te vroeg bent gaan dragen.

Herstel begint niet met loslaten.

Het begint met eindelijk begrijpen en omarmen waarom jouw handen zo lang alles hebben vastgehouden.

Luister nu aflevering 12 van de podcastserie hechting bij Sterke vrouwen.

👉 link in bio

Soms vraag ik in mijn spreekkamer: “Wat wil jij dan?” En dan valt er een stilte die anders is dan nadenken. Geen weersta...
27/05/2026

Soms vraag ik in mijn spreekkamer: “Wat wil jij dan?” En dan valt er een stilte die anders is dan nadenken. Geen weerstand. Geen onwil. Gewoon de glazige blik van iemand die de vraag hoort, maar de taal niet herkent. Alsof er een lege plek zit waar ooit een weten had moeten groeien.

Dat zijn vaak dezelfde vrouwen die feilloos aanvoelen wanneer iemand moe is, gespannen, verdrietig of onbereikbaar. Die “lief, hoeft niet” zeggen met zo’n charmante snelheid dat niemand merkt dat het eigenlijk een slot op de deur is. Die hun leven zo goed op orde hebben dat het eruitziet als kracht. Een prachtig ingericht eiland, met bloemen op tafel en een volle inbox en niemand die precies weet hoe eenzaam het daar kan zijn.

Wat ooit begon als bescherming werd een manier van leven. Je vraagt niet omdat je ergens hebt geleerd dat vragen iets kost. Aandacht. Rust. Plek. En als een kind vaak genoeg voelt dat haar behoefte te veel ruimte inneemt, wordt ze een volwassene die ruimte overlaat aan iedereen. Dat lijkt gul. Het is soms gewoon oud zeer met goede manieren.

Je lijf is nooit opgehouden met verlangen. Het heeft alleen geleerd om het stil te doen.

👉 Het werkboek bij deze serie vind je via de link in mijn bio.

26/05/2026
Soms zit ik tegenover een stel en zie ik het in real time gebeuren. Zij praat. Over wat hij nalaat. Over wat hij niet zi...
24/05/2026

Soms zit ik tegenover een stel en zie ik het in real time gebeuren. Zij praat. Over wat hij nalaat. Over wat hij niet ziet, niet oppakt, niet aanvoelt. Hij zwijgt. Hoe meer zij benoemt, hoe stiller hij wordt. Ergens in hem klinkt iets als ik doe het nooit goed, en dat maakt dat hij zich terugtrekt in precies de stilte waar zij het hardst tegenaan praat. Zij is allang gestopt met rekenen op wat hij uit zichzelf doet. Dus doet zij het zelf. En hij doet het niet, omdat zij het al heeft gedaan.

Wat ik na dertig jaar weet: het patroon zit niet in wat je doet. Het zit in wat je lichaam heeft geleerd over wat er gebeurt als je het laat liggen. De onrust die opkomt als jij niet ingrijpt. Het scannen dat niet stopt. De vermoeidheid die geen slaap oplost, omdat het geen fysieke vermoeidheid is. Het is het gewicht van alles wat je draagt, omdat stilzitten ooit niet veilig genoeg was.

De vraag is nooit "hoe stop ik hiermee." De vraag is: van wie was dit eigenlijk, al die tijd?

Gisteren zat ik met een stel dat al meer dan twintig jaar getrouwd is. Ze mompelde iets van: eigenlijk heb ik het veel t...
23/05/2026

Gisteren zat ik met een stel dat al meer dan twintig jaar getrouwd is. Ze mompelde iets van: eigenlijk heb ik het veel te lang laten voortduren. Met wat doorvragen vertelde ze dat ze vaak haar mond houdt als hij weer eens van alles uitkraamt. Ik stelde haar de vraag: wat deed je eigenlijk als je thuis iets zei wat hen niet echt beviel? Ze keek me aan met grote ogen. Toen keek ze naar haar partner, die instemmend knikte. Alsof ze toestemming zocht om het te mogen voelen. En toen brak ze.

Nooit had ze zich gerealiseerd dat ze in haar huwelijk hetzelfde deed als toen ze nog kind was.

In Sterke Dochter kijk ik naar die vorm. Naar wat je vroeg leerde over spreken en zwijgen, over veiligheid en verbinding. Hoofdstuk 1 heet: De vorm die je leerde.

👉 Link in bio.

22/05/2026

Altijd de sterke persoon zijn. Gaten dichten en signalen managen die een ander niet eens opmerkt, simpelweg omdat je hebt geleerd dat de boel anders instort. Het is een overlevingsstrategie die je waarschijnlijk al vroeg hebt ontwikkeld. Toen de bodem onder je voeten wankel voelde, werd hard werken en zorgen jouw veilige baken.

Wat onder dat alles ligt is een verlangen naar autonomie. Autonomie betekent dat je in verbinding blijft met de ander, zonder jezelf te verliezen in hun behoeften. Dat je mag leunen. Dat je mag verzachten.

Verlang jij er diep vanbinnen naar om die constante alertheid eens los te laten? Om niet meer de drager van alles te hoeven zijn?

In mijn werkboek Sterke Dochter neem ik je mee naar de oorsprong van deze patronen. We kijken naar het zenuwstelsel dat altijd aan stond, naar de grenzen die nooit echt grenzen waren, en naar het verlangen dat onder al dat doorgaan leeft.

Wil jij de stap zetten van moeten naar willen? Het werkboek staat in de link in bio.

Adres

Amsterdam
1073GJ

Openingstijden

Maandag 09:00 - 17:00
Dinsdag 09:00 - 17:00
18:00 - 19:00
Woensdag 09:00 - 17:00
Donderdag 09:00 - 17:00
Vrijdag 09:00 - 17:00

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer Barbara Veldt nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Uitgelicht

Delen